Ik ben een Australische zeeleeuw

Kangoeroe Eiland, ten zuiden van de stad Aidelaide in het zuiden van Australië, is een paradijs voor natuurliefhebbers. Vooral de vele papegaaien zijn indrukwekkend, maar de mooiste vogel is de Australische pelikaan, de mooiste van alle pelikaansoorten.

 

Ik ben een Australische zeeleeuw en hier woon ik met mijn familie. Wij zijn de meest zeldzame van alle zeehonden en zeeleeuwen. Tot 1970 werden we nog fel bejaagd om ons prachtige vel dat uitgevoerd werd naar Parijs waar er hoeden en jassen van werden gemaakt en in Australië aten ze ons vlees op. In de 19e eeuw waren we bijna uitgestorven. Alleen op Kangoeroe Eiland waren nog een paar van onze soortgenoten in leven. Gelukkig besloot de overheid de plaats waar onze laatste familieleden leefden te beschermen en zo ontstond in 1972 Seal Bay Conservation Park op Kangaroo Island. In het Nederlands is dat een beschermde baai waar eigenlijk niemand mag komen, behalve de parkwachters.

 

Hier zie je ons op het strand van Seal Bay Conservation Park op Kangaroo Island.

 

Hebben we geen ondeugende koppies? En zie je mijn oortjes?

 

 

Ik heet Australische zeeleeuw omdat ik nergens anders ter wereld voorkom. Ik zie er heel lief uit, maar ben wel een roofdier en ik behoor tot de familie van de oorrobben.  Dat betekent dat we oortjes hebben. Zeehonden hebben alleen gaatjes in plaats van oren. Zo kun je meteen zien of je met een zeeleeuw of een zeehond te maken hebt. Onze mannetjes zijn duidelijk groter en hebben andere kleuren dan de vrouwtjes.  Onze vrouwtjes zijn zilvergrijs met een beige kop en buik.  De vrouwtjes worden 130 tot 180 centimeter groot, terwijl de mannetjes 200 tot 250 centimeter groot worden.

 

 

De onderwaterrotsen zijn hier mooi begroeid met allerlei soorten zeewier.

 

Als we gaan paren, verzamelen we ons op het strand van Seal Bay. Onze jongen worden na 18 maanden geboren en hebben een vacht die mooi bruin gekleurd is en een bleek hoofd. Als de mamma´s op jacht gaan, blijven alle jongen bij een kinderoppas. Enkele vrouwtjes passen dan op een hele groep jongen. De mamma´s vinden hun jongen terug door te roepen. Bij elk jong is dit geluid anders. Zij blijven bij mamma zogen totdat het volgende jong wordt geboren.

 

 

 

 

 foto’s Dos Winkel