Ik ben een veerster

Ik kom in vrijwel alle zeeën voor, maar we hebben de mooiste kleuren in de Indische en Stille Oceaan. Wij veersterren behoren tot hetzelfde geslacht als de zeekomkommers, zeesterren en zee-egels. We behoren tot de familie van de stekelhuidigen. Wij bestaan al een paarhonderdmiljoen jaar! Toen leefden wij op grote stelen en werden we zeelelies genoemd. De grootste zeelelie die toen leefde had een lengte van ruim twintig meter!

Prachtig gekleurde veersterren op het koraalrif.

Hier zie je een klein visje dat zich verbergt tussen de armen van een veerster. Omdat zeedieren geen veersterren eten, zijn visjes hier helemaal veilig.

Als je ons ziet, denk je vast dat we niet kunnen bewegen, maar niets is minder waar. We kunnen ons zowel lopend (kruipend) als zwemmend verplaatsen.

De lengte van onze armen varieert per soort  en kan variëren van ongeveer tien tot vijftig centimeter. Elke arm is over de hele lengte voorzien van “zijtakjes”, die met een duur woord pinnulae worden genoemd, die op hun beurt weer van hele fijne “haartjes” zijn voorzien. Zo vangen wij de allerkleinste plantjes en diertjes uit het water, het plankton.

Wij hebben geen vijanden. Er is geen enkele vis die veerster op zijn menu heeft staan. Wat daarvan de reden is, begrijpen we zelf ook niet zo goed, want we zijn absoluut niet giftig. Daarom komen er regelmatig piepkleine visjes tussen onze vele armen schuilen. Bij ons zijn ze veilig.

Op onze armen kun je ook vaak hele kleine garnaaltjes vinden. Die nemen dezelfde kleuren aan die wij hebben. Zo zijn ze perfect gecamoufleerd.

 

Kun je mij vinden? Ik ben een heel goed gecamoufleerd garnaaltje en ik woon mijn hele leven samen met de veerster. Ik eet de restjes van wat de veerster zelf opeet.

Hier zie je mijn voetjes. En ik heb bezoek van een familielid, een brokkelster die ook eet wat ik overlaat.

 

 

 

 

Foto’s Dos Winkel