Ik ben een platvis

Tong, schol, schar, griet, bot, tarbot en heilbot. Weet jij wat de overeenkomst is tussen al deze vissen? We zijn allemaal familie van elkaar! We horen namelijk tot de familie van de platvissen. Je kan ons vinden op de bodem van de zee. Maar dan moet je wel goed zoeken. Want om ons te verstoppen voor roofdieren nemen we de kleur van de zeebodem aan. En omdat we plat zijn, vallen we dus nauwelijks op. Wist je trouwens dat we niet plat geboren worden, maar rond? We zwemmen dan net als normale vissen in de zee. Aan elke kant van onze kop hebben we een oog. Maar na een paar weken krijgen we een platte vorm. Zelfs onze ogen verschuiven naar één kant van onze kop. We kunnen dan vanaf de zeebodem nog steeds alles met twee ogen zien. En zo passen we ons aan, aan een leven op de zeebodem. De meeste platvissen worden geboren hier in Nederland, in de Waddenzee. Het water is voor ons lekker warm en zijn er niet veel roofdieren. Maar de laatste jaren worden we steeds minder gevonden. Onderzoekers denken dat dit komt omdat het water in de Waddenzee langzaam warmer wordt. Daarom zoeken we het koudere water op, dieper in de zee. En omdat mensen ons lekker vinden, wordt er helaas ook veel op ons gevist. En niet met een hengel, maar met netten die over de bodem slepen en veel van de onderwaternatuur vernietigen. Als we aan boord gehesen zijn, worden we gestript. Dat betekent dat we levend opengesneden worden om ons bloed en organen te verwijderen. Maar wij gaan niet meteen dood. We kunnen nog 30 minuten in leven blijven. Het is een afschuwelijke dood. Daarom kan je maar beter geen platvis meer eten. Vraag je ouders om bijvoorbeeld een vegetarische burger te maken. Dan kunnen wij veilig op de zeebodem blijven leven. Dat wil jij toch ook?